18. Bloemen voor Klaas

Dag Kampen. Dag mensen in Kampen.

Dag man aan het eind van de zijstraat, op de hoek bij de gracht, aan wie ik kan zien of de zomer echt begonnen is. Hij zit altijd met z’n hond op de stoep voor z’n huis. Lange, wilde haren, lange, woeste baard. Tot de zon echt doorkomt, dan is de baard weg en het haar gemillimeterd. Dan weet ik: nu blijft het mooi weer.

Dag twee vrouwen om de hoek die, rond dezelfde tijd als de scheerbeurt van hun buurman, kletsend op het bankje voor hun seniorenflat plaatsnemen. Ze zwaaien altijd zo enthousiast naar m’n dochter alsof het hun eigen kleinkind is. Die zien ons nu ineens niet meer. Die vragen zich af waar we gebleven zijn.

En natuurlijk Klaas. Klaas is de vriendelijkste medewerker van de Albert Heijn die er bestaat. Als je de winkel binnenstapt ziet hij je meteen, groet hij je vrolijk en bij het afrekenen maakt hij altijd een gezellig praatje. Ook gaf hij m’n man een keer een pureestamper, in de vorm van een hond, voor m’n dochter. Ik weet nog steeds niet waarom. En m’n zwager mocht op 6 december het overgebleven schap Sinterklaassnoepgoed overkopen voor een paar euro. We aten met de hele familie nog maanden Pietenspeculaasjes.

Ik was vrijdag in de winkel met m’n mandje volgeladen, maar vond helaas Klaas niet achter de kassa. Hij bleek achter de servicebalie te staan. Dus rekende ik m’n laatste boodschappen niet bij hem af, maar bij de zelfscan. Ik liet mezelf vrij door m’n kassabon voor de scanner van het poortje te houden en kwam uit bij de bloemenstal. Ik wist het! Ik zocht een mooie bos uit, die zou ik hem geven als bedankje voor het opvrolijken van de winkel en als afscheidscadeautje.

“Klaas, ik ben voor het laatst in de winkel. We gaan verhuizen. Mag ik voor de laatste keer bij jou afrekenen?”
“O ja, ga je verhuizen, waarheen dan?” vraagt Klaas, terwijl hij de bos bloemen onder het plexiglas probeert te trekken om de streepjescode te kunnen scannen.
“Naar Den Bosch.”
“Ga je daar werken?”
“M’n man, die wordt daar dominee.”
“Nou, weet je wat ik doe?” hij smoest met een collega, ze tikken wat in het kassa-scherm. “Deze krijg je van mij.”
Ik weet niet wat ik moet zeggen.
Hij loopt achter de balie vandaan, overhandigt me de bloemen op anderhalve meter afstand en zegt: “Voor het opvrolijken van de winkel en als afscheidscadeautje.”

Dag Klaas. Dag Kampen.